|
<<< vorige pagina het licht heeft gezien en het is een werk waar zeer velen mij met raad en daad bij geholpen hebben en van advies hebben gediend. Het is dus niet het werk van één persoon, maar het resultaat van een groot aantal mensen. Vandaar dat ik graag mijn welgemeende dank wil betuigen aan alle informanten die ik te pas en te onpas, midden op straat, op hun werk, op een feestje of vergadering heb lastiggevallen met mijn twijfels en onzekerheden. Fijn was het te ervaren, dat eenieder steeds bereid was uitgebreid op mijn vragen in te gaan. Daarbij staken zij niet onder stoelen of banken hun kritiek op onze spelling en op het feit dat er twee spellingen bestaan voor onze taal. De Curaçaos-Bonairiaanse spelling Römer-Maduro-Jonis heeft namelijk een fonologische basis, de Arubaanse spelling Mansur is meer etymologisch. De medewerking die ik kreeg was van moedertaalsprekers van het Papiaments en van het Nederlands. In alfabetische volgorde noem ik hierbij alleen maar diegenen die een of meerdere keren een aantal bladzijden van het woordenboek in wording hebben doorgenomen of me een lijst met woorden en/of opmerkingen deden toekomen. Het zijn: Thelma Anthonia, Lucille Berry-Haseth, Gerard van Buurt, Diane Henriquez, Paul Hoetjes, Debbie Joubert, Hubert Lemmens, Jeannette Leonora, Eithel Martis, Robert en Jeannette Rojer, Brunehilda (Bunchi) Römer, Rik Schutz, Otto Sprock, Margot Sybrandy-Booi en Ryan Veth. Ik kon steeds rekenen op de medewerking en de deskundigheid van Rik Schutz van Van Dale Lexicografie. Hij kreeg soms hele lijsten met vragen van mij, die hij dan in samenwerking met zijn collega's besprak en beantwoordde. Ook op Piet van Sterkenburg van het Instituut voor Nederlandse Lexicologie kon ik steeds een beroep doen als ik lexicografische problemen tegenkwam. Laatstge-noemde verstrekte mij bijvoorbeeld een lijst met de 4.500 meest frequente woorden van de Nederlandse taal, zoals die in Hedendaags Nederlands van van Dale zijn aangegeven. De steun van Ivo JonMing bij mijn vele en uiteeenlopende computertechnische problemen, die hij steeds weer naar volle tevredenheid wist op te lossen, is onbetaalbaar. Bij bovenstaande lijst ontbreken de namen van diegenen die verreweg de meeste bladzijden aan een zeer kritisch oog hebben onderworpen. Het zijn: May Henriquez, wijlen Antoine Maduro en Penny Monypenny. Last but not least, degene die nagenoeg alle bladzijden een of meer keren heeft doorgeno-men en elke keer weer met zeer scherpzinnige op- en aanmerkingen kwam en nieuwe onvolkomenheden ontdekte was Piet Sybrandy, voorheen corrector bij de N.R.C. en al bijna vijftig jaar woonachtig op Curaçao. Ik wil hierbij voornoemde personen alsmede de niet bij naam genoemde informanten en hulpverleners mijn welgemeende dank betuigen voor alle tijd en zorg die ze met mij aan dit project hebben besteed. Alle beslissingen omtrent woordkeus en spelling zijn echter geheel voor mijn verantwoording. Uiteraard heb ik mij op elk moment zoveel als mogelijk laten adviseren door bovengenoemden en andere sprekers en kenners van het Papiaments en het Nederlands. Wat de Nederlandse naslagwerken betreft ben ik het meest schatplichtig aan van Dale Groot Woorden-boek der Nederlandse Taal (G.V.D.), twaalfde druk 1995, en het Groot woordenboek hedendaags Nederlands eveneens van van Dale, tweede druk 1991. Tevens is veelvuldig gebruikgemaakt van van Dale Handwoordenboek Nederlands-Spaans, (1992) en het Groot Synoniemenwoordenboek van van Dale (1996). Verder heb ik doorgenomen en voor het merendeel opgenomen, indien ik die nog niet in mijn bestand had, de ruim 8.500 meest frequente lemmata die voorkomen in Woordfrequenties in geschreven en gesproken Nederlands, onder redactie van P.C. Uit den Boogaart, Oosthoek, Scheltema & Holkema, Utrecht, 1975. Tenslotte heb ik ook geheel doorgenomen het Basiswoordenboek Nederlands van P. de Kleijn en E. Nieuwborg, derde druk Wolters-Noordhoff Groningen, 1987. Voor de Papiamentse woorden hebben gediend de verschillende bestaande woordenlijsten en woorden-boeken, in het bijzonder de Basiswoordenlijst Papiamento van H. Guda, Aruba, februari, 1981, het Papiaments-Nederlands en Nederlands-Papiaments woordenboek van M. Dijkhoff, met medewerking van M. Vos de Jesús, De Walburg Pers, 1980, mijn eigen Dikshonario (Handwoordenboek) Papiamentu-Hulandes, Cromotip, eerste druk, Curaçao, 1991, en het daarbijbehorende Supplement van de hand van Antoine Maduro en ondergetekende, Drukkerij Haasbeek, Alphen aan den Rijn, Nederland, 1997. Verder is geraadpleegd het in manuscript bestaande Vokabulario (Papiamentu-Hulandes) van Antoine Maduro. Voor de Papiamentse betekenissen waren de moedertaalsprekers de belangrijkste bron, naast voornoemde en andere geschreven bronnen, waaronder litteraire werken en kranten, tijdschriften, folders, etc. volgende pagina >>> |